keessmetsers.reismee.nl

Global Village Kafe en Warung Ibu Wina, twee fijne restaurants in Lovina op Bali.

Vanmorgen zijn we met onze chauffeur Ketut op weg gegaan naar Sidemen in het oosten van Bali. Dat wordt de langste rit van onze vakantie, maar ook een mooie tocht door de bergen langs de kraters van de vulkaan Gunung Batur.

Lovina is geen mooie plaats, dat zeker niet, maar toch is de ontmoeting met de dolfijnen op zee weer een hoogtepunt geweest. Voor mijzelf zijn de bezoeken aan de stichtingen Yayasan So Rehab Bali en Stepping Stones Bali ook heel nuttig geweest, want ik heb nu nog meer inzicht gekregen in de huidige activititeiten van deze stichtingen.

Rob en ik hebben ons naast deze bezoeken ook verwend met heerlijke etentjes in de lokale restaurants. Daarbij werden wij echt verrast door GLOBAL VILLAGE KAFE en het dichtbij gelegen WARUNG IBU WINA.

Golbal Village Kafe ligt aan de hoofdweg op de plek waar vroeger de ATM pinautomaat was. Het is een gezellig klein restaurantje waar foto's van wereldleiders aan de muur hangen, zoals de Dalai Lama, Che Guevara, Nelson Madela en Desmond Tutu. De cappucino is er van grote klasse en dat kan ook gezegd worden van de carrotcake, de bananencake en de brownies, die door een van de vrouwen van de keuken zelf worden gebakken. Alles is er spotgoedkoop, een groot stuk carrotcake kost er bijvoorbeeld maar 10.000 roepia, dat is ongeveer 70 cent. Het zelfde geldt voor de warme maaltijden, ze niet alleen heel goedkoop, maar ook overheerlijk. Dit restaurantje is een echte aanrader...

Dat geldt ook voor het nieuwe restaurant Warung Ibu Wina. Dit sfeervolle restaurant is van Wina, de Balinese vrouw van Walter van der Heijden uit Bergeijk, die een heel mooi bungalowparkje heeft met de naam Sawah Lovina. Ik heb daar ooit gelogeerd en wist hoe goed Wina kon koken. Toen we voor de eerste keer bij Wina gingen eten, ontving ze ons letterlijk en figuurlijk met open armen. We werden de hele avond verwend met een overheerlijke maaltijd, die ook nog eens heel goedkoop was. Echt, dit nieuwe restaurantje behoort tot de beste van wat wij op Bali hebben meegemaakt. Toen we dat tegen Wina zeiden, terwijl zij in de keuken aan het koken was, straalde ze en ze was erg blij met ons compliment. Haar restaurant is echt een aanwinst voor Lovina.

De afgelopen dagen zijn voor mij heel emotioneel geweest en dat komt door gebeurtenissen in Nederland die heel verdrietig zijn. Uiteindelijk hebben Rob en ik besloten onze vakantie af te breken en een week eerder dan gepland naar huis te gaan. Gelukkig hebben onze reisverzekeringen daarmee ingestemd. Zondag vliegen we weg van het eiland Bali dat mij zo vaak mooie momenten heeft gebracht. Deze keer was het een totaal andere vakantie en deze vakantie heeft mij echt aan het denken gezet.

Dit verhaal zal misschien het laatste verhaal van deze vakantie zijn. Daarom wil ik iedereen alvast bedanken die interesse in mijn verhalen heeft getoond en/of op de een of andere manier heeft gereageerd.

Kees Smetsers

Belangrijke informatie voor mensen die op Bali dolfijnen willen zien in hun natuurlijke omgeving.

Vanmorgen ben ik met Benny, de broer van de man van Marjanne Oomen, naar een heel mooie plekje op zee gegaan, waar onder water verrassend mooi koraal en heel veel vissen te zien waren. Vanaf ons logeeradres Starlight in Lovina was het maar een paar minuten varen en ik was echt verrast dat het koraal hier zo mooi was. Benny had brood mee genomen om aan de vissen te geven en ik was benieuwd of die het brood lekker zouden vinden.

Ik zette mijn snorkelbril op en dook het glasheldere water van de zee in. Voor mijn ogen ontvouwde zich een waar paradijs. Heel mooi koraal in ontelbare vormen en kleuren, waar tussen heel veel mooie vissen zwommen. Ik maakte het plastic zakje open waar het brood in zat, en toen begon het spektakel. Binnen een paar seconden had ik een wolk van kleine vissen om mij heen. Overal kwamen ze vandaan, de een nog mooier als de ander, in alle kleuren van de regenboog. Ik hield het brood voor mijn gezicht, tien centimeter van mijn ogen, maar de vissen vetrouwden mij helemaal. Gulzig aten ze de stukjes brood, die ik in mijn vingertoppen vast hield en daarbij beten ze zo nu en dan per ongeluk in mijn vingers. Met hun kleine tandjes deed dat niet zeer en het kriebelde alleen maar een beetje. Toen de stukjes brood op waren verdwenen ze weer tussen het koraal. Toen ik even later het plastic zakje weer opende kwamen ze weer snel toesnellen en had ik binnen een paar seconden weer een wolk kleine visjes om mij heen. Deze keer was er een fel visje met mooie turqoise kleuren, dat kennelijk brood niet lekker vond, maar wel honger had. Het visje beet pardoes in mijn linkertepel en dat gebeurde zo onverwacht dat ik er van schrok. Hij deed niet echt zeer, maar prettig was het ook niet. Het visje was niet meer bij mij weg te slaan en elke keer als ik niet oplette beet het speels (of hongerig) in mijn linkertepel. Alles went, dus ik liet het visje maar begon. Ik kon er toch niets aan doen, want ik werd in beslag genomen door de wonderlijke wereld om mij heen en werd daardoor elke keer verrast door het kleine visje dat er kennelijk veel plezier in had en steeds weer terugkwam. Op een gegeven moment was het brood op en zwom ik terug naar de "Bali Tripel Seven", dat is de naam van de catamaran van Benny.

Benny moest heel hard lachen toen ik hem vertelde van het kleine visje. Het is echt een heel sympathieke jongeman met wie ik intussen een goede band heb opgebouwd. Hij heeft een leuk gezin met vier kinderen en dat zijn allemaal meisjes. Op Bali betekent dat dat zijn kinderen, als ze trouwen, bij de familie van hun man worden ingeschreven en uit zijn familie worden uitgeschreven. Benny en zijn vrouw hebben straks als ze oud zijn dus geen kinderen die voor hen kunnen zorgen en dat is een hard gelag op dit eiland.

De oudste dochter, Putu, is 16 jaar en zit op de middelbare school en wil laborante worden. Omdat Benny echt een fijn iemand is zou ik hem graag willen helpen, maar ik weet nog niet in welke vorm ik dat het beste kan doen.

Vanavond komt Ketut, mijn chauffeur en vriend, praten over een nieuwe website die ik voor hem wil laten maken. Robert, de persoon die mijn eigen website heeft gemaakt, zal daarbij ook aanwezig zijn, want ik wil graag dat hij de website van Ketut gaat maken. Ik ben van plan om in de nieuwe website van Ketut een pagina op te nemen, waarop foto's en tekst komen staan die een aanbeveling moeten zijn voor Benny en zijn boot. Ik heb dat idee aan Benny voorgelegd en hij was daarover heel enthousiast.

Misschien zijn er mensen die Benny willen helpen, bijvoorbeeld met het schoolgeld voor zijn dochter, of gewoon door met hem naar de dolfijnen te gaan. Hier volgen de contactgegevens van Benny:

Naam boot: Bali Tripel Seven

Kapitein: Komang Beni

Telefoonnummer: 00-62-(0)85-237630566

Emaikadres: Benny heeft geen email, emailcontact kan het beste via Marjanne Oomen

Vanaag zijn Rob en ik op bezoek gegaan bij de twee stichtingen, die actief zijn in de hulpverlening aan de kinderen op Bali, die een beperking hebben en die wij een warm hart toedragen. We hebben gesprekken gevoerd met Marino van der Starre (Friends of Yayasan So Rehab Bali) en Marjanne Oomen (Stepping Stones Bali) en dat was niet alleen interessant maar ook inspirerend. Daarnaast hebben we het project van Yayasan So Rehab Bali bezocht en dat was echt een bezoek dat mij ontroerde. Ik ben hier al vaker geweest en elke keer ben ik hier onder de indruk van de liefde die hier is tussen de kinderen, die geholpen worden, en hun Balinese hulpverleners. Echt deze mensen verdienen onze hulp want er wordt hier heel mooi werk gedaan. Sinds mijn laatste bezoek hebben hier heel veel verbeteringen en renovaties plaats gevonden en de passie waarop Marino over dit project praat is indrukwekkend. De cirkel van revalidatie, onderwijs, voorbereiding op de maatschapij en deelname in de maarschappij wordt hier helemaal rond gemaakt. Er zijn zelfs kinderen bij die na een revalidatie zo ver komen dat ze deel gaan nemen aan nationale sportwedstrijden voor kinderen met een beperking. Echt, ik heb diepe bewondering voor hetgeen hier wordt gerealiseerd. Als iemand dit project wil steunen , dan kan dat via emailadres [email protected].

Het mooie is dat de stichtingen Yayasan So Rehab Bali en Stepping Stones Bali elkaar perfect kunnen aanvullen en ook de bereidheid hebben om samen te werken. Hier in Lovina wordt iets heel moois tot stand gebracht en dat wilde ik graag met jullie delen.

De eigenaren van Starlight Bali, het mooie bungalowpark waar we nu logeren, ondersteunen de twee eerder genoemde projecten al jarenlang met hart en ziel. Als mensen naar Bali gaan en ze logeren in dit bungalowpark, dan ondersteunen ze indirect de twee stichtingen die de kinderen op Bali een betere toekomst proberen te geven. Daarom wil ik Starlight Bali bij elke bezoeker van Bali aanbevelen.

Kees Smetsers

Bali, de dolfijnen dansten en sprongen voor een heel bijzonder iemand.

Vanmorgen zijn Rob en ik op de catamaran "Bali Triple Seven" van Benny (de boer van de man van Marjanne Oomen) de zee op gevaren om naar de dolfijnen te gaan kijken. De zee was als een spiegel en er waren helemaal geen golven. Toen Benny de buitenboordmotor had gestart en we langzaam de zee opgleden, zagen we in de verte de toppen van de bergketen die over het midden van het eiland Bali loopt. De zon was verdwenen achter de wolkenflarden en het was een beetje trieste dag. Vanmorgen was de dag voor mij slecht begonnen en ik kon mij niet losmaken van de zorgen die mijn vakantie al een week beheersen. Het voelt niet goed dat Angela en ik nu niet bij elkaar zijn om die zorgen te delen. Mijn reisgenoot Rob is heel begripvol, maar het is toch anders.

In gedachten verzonken zat ik op de voorplecht van de catamaran die nu snel door het water gleed, op weg naar een plek waar we de dolfijnen zouden kunnen zien en dat was nog voorbij Seririt, richting Java.

Na een kwartiertje zag in de verte kleine stipjes uit het water springen. Het waren dolfijnen die hun spel met het water speelden. Het was intussen half negen en alle bootjes van de toeristen waren allang teruggekeerd naar het vasteland. We waren helemaal alleen in de stilte van de open ruimte van de zee. Vijf minuten later waren we bij de dolfijnen. Ze waren letterlijk overal om ons heen en ze zwommen in grote groepen. Sommige kwamen naar ons bootje en we konden ze dan onder water zien zwemmen, sierlijk in het heldere water. Het was of alle dolfijnen van deze streek vandaag bij ons wilden zijn want het werd steeds drukker om ons bootje.

En toen begon het schouwspel dat we nooit meer zullen vergeten. De dolfijnen begonnen te dansen en te springen, soms metershoog meervoudige salto's makend. Het was of ze voelden dat er een vrouw bij me was om wie ik heel veel geef en voor wie ik diepe bewondering heb. Deze vrouw vecht nu voor haar leven en ik had echt het gevoel dat de dolfijnen wilden laten zien dat deze vrouw haar gevecht niet alleen hoeft te voeren. Dolfijnen zijn intelligente dieren en zij staan heel dicht bij de mensen. We zaten met een brok in ons keel te kijken hoe deze mooie dieren hun best deden voor ons en voor degene die in mijn hart met mij meereist. Ik weet zeker dat zij het gevoeld zal hebben want ze is hier al ooit geweest en heeft toen ook enorm genoten van deze dieren. Dit uur was een kado voor haar, de dolfijnen lieten zien dat ze dicht bij ons staan...

Op een gegeven moment begonnen er ook kleine babydolfijntjes te springen en dat was een indrukwekkend gezicht. Maar het mooiste moment was toch wel het moment dat een dolfijn hoog uit het water oprees en staande op zijn staart ons begroette, recht voor de boot waarop wij zaten. Hij herhaalde deze groet drie keer en gleed daarna langzaam het water in....

Het was stil om ons heen en we hoorden de dolfijnen in- en uitademenen. Ze waren zo dichtbij, echt, we konden ze bijna aanraken. We zagen ook nog een paar heel grote dolfijnen die stil op het wateroppervlak lagen. Dat waren een heel andere soort dolfijnen, die ik nog nooit gezien had. Intussen was in de verte de hemel helemaal zwart geworden en de eerste druppels begonnen al te vallen. Benny zei dat we beter terug konden gaan en hij startte de motor van de catamaran. Het begon ook harder te waaien en de zee werd steeds wilder. Gelukkig bereikten we de kust voordat de bui losbarste en konden we afscheid nemen van Benny. Deze morgen was een echt geschenk geweest, niet alleen voor ons, maar ook voor degene die bij ons was vandaag en dat altijd zal blijven...

Kees

Bali, een ontmoeting met de zonnekoning.

Vanmorgen hebben we weer heel veel moeten lachen met Ketut, onze Nederlands sprekende chauffeur die ik al 15 jaar ken en die intussen een echte vriend van mij is geworden. Ketut komt altijd op tijd als hij ons af komt halen, maar deze keer was hij tien minuten later dan gepland. Dat kwam omdat hij tijdens de lange rit van Denpasar (zijn woonplaats) naar Pemuteran in enkele ceremonies terecht was gekomen. Hij had ons via whatsapp al laten weten dat hij iets later kwam, maar desondanks verontschuldigde hij zich toen hij bij ons in Pemuteran aankwam. Daarna liet hij trots het nieuwe horloge zien, dat hij gekregen had van Toos en Martin uit Bladel, die hij drie wekennlang had rondgereden in Bali. "Jaja", zeiden we, "nu heb je een nieuw horloge en nu kom je meteen te laat". Ketut lachte zich krom toen we dat zeiden, maar hij was stiekem wel heel trots op zijn nieuwe horloge.

Het werd een heel gezellige rit langs de noordkust van Bali waar best veel moslims wonen, die echter geen enkel probleem vormen en in harmonie leven met de Balineze die voor 95% hindu zijn. Na een uurtje naderden we Lovina en reden we bij het enige stoplicht voorbij de Duitse bakker, waar ik over een paar dagen lekkere broodjes en "schwarzwalderkirschtorte" ga halen voor de lange tocht naar Sidemen die we op 14 april gaan maken. Even later kwamen we bij het Aneka hotel, waarlangs het smalle straatje ligt dat naar Starlight Bali voert. Dit mooie bungalowpark van Marie Anne en Melchert uit Midden Beemster zal de komende drie dagen ons verblijfsadres worden. Het bungalowpark is heel rustig gelegen, pal aan het strand, net buiten het dorp Lovina. Het is een superfijne plek waar ik altijd graag naar toe ga. Deze keer waren Marie Anne en Melchert zelf aanwezig en zij ontvingen ons met open armen. In de loop van de middag kwamen ook nog Nies van Gestel uit Diessen en Marino van de Starre tegen. Marino maakt deel uit van de stichting, die als vrienden van Yayasan So High5rehab, probeert gelden te verzamelen voor de hulpverlening aan de kinderen op Bali, die een beperking hebben. Het was heel leuk om hem en zijn ouders hier te ontmoeten. Al gauw was het een gezellige boel want we hadden elkaar heel veel te vertellen.

Rob en ik wilden snel naar Marjanne, want we konden niet wachten om hun zoon Ravi te zien. Daarom zetten we onze koffers in onze bungalow en reden met Ketut naar het huis van Marjannen en Putu. Marjanne stond als al op te wachten met Ravi die tevreden in haar armen lag te rusten. Prachtig om te zien hoe blij Marjannen en Putu met hun zoon zijn , die hun leven nog mooier heeft gemaakt dan het al was. Marjannen en Putu doen heel veel voor de kinderen op Bali, die een beperking hebben en nu kunnen ze zelf het geluk ervaren van een eigen kind. De moeder van Putu kwam stralend van blijdschap naar ons toe, trots op haar kleinzoon en blij om ons te zien. We maakten ook kennis met de twee stagieres, die in het kantoor van de stichting Stepping Stones Bali vertelden over hun ervaringen met de projecten van de stichting. Daarna ging ik Putu een beetje helpen die beteuterd bij een oude bougainvillaeboom stond te kijken, die de trots van zijn tuin was geweest, maar nu bezweken was onder de hevige regenval van de laatste dagen. "Het doet mij echt pijn, ik kan wel huilen " zei Putu, en ik kan hem begrijpen want Putu houdt net als ik van de natuur en verzorgt zijn tuin met liefde. Even later namen we afscheid van Marjanne en Putu en hun zonnekoning en liepen we door de straatjes van Lovina terug naar Starlight. Onderweg verwende ik mij zelf met een fijne massage en liet ik nog even mijn haren knippen, zodat ik er nu weer netjes uitzie. Rob gaat dat morgen ook doen want zijn haardos begint nu echt lang te worden.

De dag van vandaag werd besloten met een heerlijk diner in het restaurant van Starlight, waar een fris briesje voor verkoeling zorgde. Op de achtergrond speelde een bandje muziek van de Eagles en nog meer goede muziek van onze generatie, en dat maakte alles nog gezelliger. We genoten van elkaars gezelschap , terwijl buiten de sterren aan de hemel verschenen en zich spiegelden in het rustige water van de zee. Ik besloot niet te laat naar bed te gaan want ik wilde dit verhaal nog schrijven en morgenvroeg gaan we naar de dolfijnen kijken. Dat is altijd een gebeurtenis die mij raakt en ik kijk er echt naar uit. Ik sluit dit verhaal af met lieve groeten aan iedereen die dit verhaal leest, maar vooral aan Angela, mijn moeder, mijn broers en zus en mijn vrienden.

Kees

Een katje vind haar veilige plekje in Pura Melanting in Pemuteran op Bali.

Vanmorgen heb ik om kwart over zes samen met Agung Prana en twee Duitse mannen de zon begroet. Staande met onze voeten in het zand van de baai van Pemuteran hieven we onze handen naar de hemel en verwelkomden we de zon, terwijl we steeds heel diep in- en uitademden. Het gaf een gevoel van ontspanning en ruimte. Toen de zon tevoorschijn kwam ontlaadden we ons met een luid lachen dat wegdreef over de baai. Daarna gaven we elkaar een hand en wensten we elkaar "Om Shanti Shanti Shanti Om" (vrede aan alle mensen op deze aarde).

Sam met Agung Prana ging ik zitten aan van de lommerrijke bomen die aan het strand staan. Er werd niets gezegd, het was stil, en ik dacht aan de avond van gisteren. Op uitnodiging van Agung Prana zijn Rob en ik, samen twee vrouwen uit Nieuw Zeeland, gaan bidden in de tempel Pura Melanting. Traditioneel gekleed, echt jullie zouden ons bijna niet meer herkennen zo chique zagen we er uit, bestegen we de lange trap die naar de tempel leidde. Dat kostte de nodige inspanning, maar de schitterende sterrenhemel en het flauwe licht van de maan gaven ons meteen een sereen gevoel. Toen we eindeljk boven kwamen liepen we door de tempelpoort en zagen een van de mooiste tempels die we ooit gezien hadden. Agung Prana verzocht ons een plekje te zoeken en we knielden in lotushouding op de harde grond, die ons in het komende half uur steeds meer pijn zou gaan doen.

Voor ons zat een priester die onder een baldakijn rituelen aan het uitvoeren was. Op zijn teken kregen we allemaal een bakje met bloemen en een brandend wierookstokje. Met een frangipanibloem in de toppen van onze gevouwen handen begonnen we in stilte te bidden voor de vrouw die al bijna een hele week in onze gedachten en vooral in ons hart is. Ik richtte mijn ogen op de tempel voor mij en zond een smeekbede naar boven. Ik vroeg maar een ding en dat deed ik met heel mijn hart. Afstand bestond op dat moment niet meer. De verbinding die ik voelde was heel intens en dat is een heel bijzonder gevoel.

Terwijl wij in stite zaten te bidden en alleen het geluid van stromend water hoorbaar was, kwam er plotseling een piepjong katje naar ons toegelopen. En wat deed het katje ? Het kroop tussen de benen van Rob, die naast mij in een moeilijk lotushouding in gebed verzonken was. Het katje zocht bescherming onder de sarong van Rob en vleidde zich daar spinnend heel tevreden neer. Rob bewoog niet en liet het katje genieten van het plekje dat ze gevonden had. Het was een komische situatie, maar tegelijk een heel apart moment. Even later haalde de Balinees, die langs Rob zat, het katje weg en zette het in de hoek van het terrein van de tempel neer. Het katje rende echter zo snel als haar kleine pootjes konden rennen weer naar Rob en kroop onder diens sarong. De hele tijd dat we daar zaten te bidden bleef het katje tussen de benen van Rob zitten, heel tevreden spinnend. Op het moment dat Rob even later opstond keek het katje met een scheef hoofdje Rob aan of ze wilde zeggen " waarom ga je nou, we hadden het samen toch goed ?"

De priester kondigde het einde van het gebed aan en we ontwaakten uit onze licht trance. We kregen heilig water dat over ons hoofd werd uitgesprenkeld en waarmee we onze handen en gezicht reinigden. Toen stonden we moeizaam op, want we hadden een half uur in lotushouding gezeten en dat zijn wij westerlingen niet gewend. We bedankten de priester en ook Agung Prana, die met hart en ziel meeleeft en meevoelt. Hij deelt onze zorgen en dat verlicht ons. Wat een geweldige man, hij doet alles om de vrouw voor wie wij deze avond hebben gebeden, te helpen en te steunen. Agung Prana is een voorbeeld hoe de Balineze zijn, met een open hart en in tegenstelling tot wat wij van oosterlingen denken, een persoon met wie je heel makkelijk een verbinding kunt aangaan. Toen ik hem vertelde wat een geweldig mens de vrouw is voor wie wij vanavond hebben gebeden en hoezeer ik haar bewonder om haar kracht en doorzettingsvermogen, toen bood hij ook meteen aan om samen met hem in deze tempel te gaan bidden. Het was ook een gebed voor alle mensen in deze wereld door onderdrukt worden en lijden onder het egoisme van de medemens. Ik vertelde Agung Prana hoe ik ooit een boek met spreuken van Mahatma Gandhi had gekregen, waarin stond "Als het egoisme sterft gaat de ziel pas echt leven". Toen ik dit zei was er een brede glimlach op het gezicht van Agung Prana. " Daar draait alles om", zei hij, "liefde geven aan je medemens, daar komt alle energie uit voort". Met deze woorden wil ik dit verhaal afsluiten.

Ik stuur iedereen die dit leest een warme omhelzing.

Kees

I Wayan Suryana

Bali , een gesprek met God.

Vanmorgen lag ik onder het hemelbed van mijn slaapkamer in Cempaka Belimbing te luisteren naar de typische geluiden van de tropen. Door de gordijnen begon het eerste daglicht binnen te dringen. De dag was afscheid aan het nemen van de nacht. Mijn gedachten dwaalden af naar gisteren toen ik met Made Sepel, de manager van dit resort, was gaan bidden in de huistempel. We hadden ons traditioneel aangekleed en offertjes meegenomen , die het personeel had gemaakt voor ons.

Vandaag zou ik aan God gaan vragen om hulp voor een heel bijzonder mens die nu ernstig ziek is. Ik geef veel om deze vrouw en ik bewonder haar kracht en doorzettingsvermogen. In dat opzicht is ze altijd een voorbeeld voor mij geweest. Ze vecht nu voor haar leven en ik voel mij hier op Bali machteloos omdat ik haar zo graag wil helpen. Daarom wilde ik God om hulp vragen. Als ik eerlijk ben, dan moet ik zeggen dat ik mij niet echt meer verbonden voel met de Kerk zoals die nu is want deze Kerk predikt geen liefde, maar wil alleen maar macht hebben. Ik voel mij echter wel verbonden met God, want God is liefde en de bron van alle energie. Ik wilde aan God vragen om hulp want zelf voelde ik mij machteloos.

In alle stilte knielden Made en ik bij het kleine altaar van de huistempel. Made legde de offertjes op het altaar en stak wat wierookstokjes aan. We legden allebei een bakje met frangipanibloemen voor ons en begonnen te bidden. Ik beheers de Indonesische taal en kon het gebed van Made goed volgen. Eerst zuiverden we de plek waar we waren, terwijl we baden met een witte frangipanibloem in de vingertoppen van onze gevouwen handen. Daarna namen we een rode frangipanibloem en zuiverden we ons verleden en onze gedachten. Op dat moment kwam er plotseling uit het niets een wolk van wel een stuk of zes heel grote bruine vlinders naar ons toe. Ze gingen om ons heen fladderen en een ervan kwam naar mij toe en ging op mijn vingertoppen zitten, ongeveer 10 centimeter van mijn ogen. Ik ging verder met mijn gebed tot God terwijl de vlinder heel rustig op mijn vingertoppen bleef zitten. Hij was heel mooi, in verschillende kleuren bruin en met mooie tekeningen op zijn vleugels. Ik voelde mij op dat moment heel dichtbij de persoon waarvoor ik hier was. Afstand telt op zo'n moment niet meer. De tijd stond op dat moment stil en ik voelde de energie die om mij heen was. Even later verdwenen de vlinders weer, alsof er een teken gegeven was. Made legde de frangipanibloem in zijn handen neer en wendde zijn hoofd naar mij. Ik vertelde mijn ervaring met de vlinders. Hij was zo verzonken geweest in zijn gebed dat hij ze niet had gezien. "Kees", zei hij, "de komst van de vlinders betekent dat de aura om ons goed was". Ik kan niet uitleggen wat er allemaal door mij heen was gegaan tijdens het bidden, dat is niet in woorden te vatten, maar het voelde wel heel goed.

Stil gingen Made en ik terug naar de mooie tuin, waarin onze bungalow ligt. Rob voegde zich bij ons en even later zaten we naar de rijstvelden voor ons te kijken, ieder met zijn eigen gedachten.

Vandaag vertrekken we naar Pemuteran, dat in het noordwesten van Bali is gelegen. Ondanks alle zorgen hebben we hier twee mooie dagen gehad. Het personeel, waarmee ik mijn zorgen heb gedeeld, heeft op een heel lieve manier met ons meegeleefd en ons echt verwend. Het is voor mij onbegrijpelijk dat er een bepaalde boekingssite negatieve beoordelingen staan voor dit resort. Ik heb echt niets negatiefs kunnen ontdekken hier. Waarschijnlijk zijn die beoordelingen afkomstig van Nederlandse "voor een dubbeltje op de eerste rij" toeristen die zich ver verheven voelen boven de bewoners van dit mooie eiland. Tegen hen wil ik zeggen dat wij als Nederlanders nog heel veel kunnen leren van deze lieve mensen, die in de geschiedenis heel veel hebben moeten lijden onder de Nederlandse bezetters die hun land leeg kwamen roven. Nederigheid en respect voor hun cultuur zou ons beter staan dan de hoogmoed die wij vaak ten toon spreiden. Met deze gedachte wil ik dit verhaal afsluiten...

Kees

Belimbing, een dorpje in bergen van Bali.

Het verhaal, dat ik gisteren geschreven heb over Belimbing, heb ik door bijzondere omstandigheden moeten verwijderen. Deze omstandigheden hebben mij uit mijn evenwicht gebracht en ik ben gaan nadenken over mijn toekomst. Met name ben ik mij bezig gaan houden met de vraag of ik nog zo vaak naar Bali zal blijven gaan.

In het verhaal van gisteren had ik onder andere geschreven over het gesprek met Ketut, toen Rob en ik zijn busje onderweg waren van Blayu naar Belimbing. Ketut is in alles heel open, het woord privacy kent hij helemaal niet, ik denk dat dit woord ook een westerse uitvinding is. Wij bouwen in ons luxe wereldje alleen maar muren om ons heen, letterlijk en figuurlijk. Daardoor raken we opgesloten in ons zelf en worden daar tenslotte ziek van.

Ketut vertelde trots dat hij samen met zijn broer bij het huis van zijn moeder in Belimbing een huistempel aan het bouwen was. Die tempel zou 5.000 euro gaan kosten, voor Balinese begrippen is dat te vergelijken met drie jaarinkomens van een gezin. Toen Ketut dat vertelde kwam bij mij de gedachte op dat het geloof ook hier een zware claim legt op de levens van de gelovigen. Ik sprak die gedachte uit en Ketut kon begrijpen waarom ik zo dacht. "Kees" zei hij, "de huistempel is voor Balinezen heel belangrijk want het is de plek waar wij de goden en onze ouders en voorouders kun eren".

Ketut en ik kennen elkaar al een jaar of vijftien en daardoor kunnen wij over alles open praten. We hebben respect voor elkaars leefwijze en staan ook open voor een kritische benadering. Ondanks onze verschillen in cultuur kunnen wij elkaar zonder woorden begrijpen. Ketut voelde gisteren ook perfect aan waarom ik uit mijn evenwicht was en waarom ik die dag Angela nog meer miste. Het was jammer dat hij weer snel weg moest gaan toen we in Belimbing waren aangekomen, want ik had graag nog een tijdje mijn zorgen met hem gedeeld. Ketut moest terug naar Blayu want hij wilde Piet Willems naar Sidemen brengen. "Piet moet goed verzorgd worden want hij is erg ziek geweest en daarom wil hem wegbrengen naar Sidemen" zei Ketut tegen mij. Wat een lieve man, zo open en zo begripvol.

Toen we in de prachtige omgeving van Belimbing waren aangekomen werden wij daar met open armen ontvangen door Made Sepel, de sympathieke manager van Cempaka Belimbing. Made is degene die samen met Kadek op een romantische avond op een roodfluwelen kussen onze verlovingsringen bracht, een moment dat Angela en ik nooit meer zullen vergeten. Het was niet alleen voor Angela een verrassing, maar ook voor Angela's zus en mijn zus en hun partners. Samen met zowat alle inwoners van Belimbing beleefden we toen een onvergetelijk avond.

Ik vertelde aan Made Sepel wat er in de afgelopen dagen allemaal gebeurd was en Made voelde perfect aan wat ik voelde. We spraken af om vandaag te gaan bidden bij de huistempel hier , voor alle mensen die ziek zijn of problemen hebben. Ik weet dat dit een intens moment zal worden want ik heb dat hier op Bali al een paar keer gedaan voor mensen die dicht bij mij staan. Balinezen voelen zich verbonden met hun gasten en leven dan ook met hart en ziel mee.

Verder zullen het hier twee dagen zijn dicht bij de natuur. Voor mij is dat de basis van het leven. Jammer dat zoveel mensen kiezen voor een leven in de drukte met alle verleidingen en onrust. Een voorbeeld daarvan zijn de beoordelingen van dit resort op tripadvisor. Sommige mensen klagen dat het uitzicht bedorven wordt door al het groen, bomen en struiken, die tussen hun bungalow en de rijstvelden staan. Wat erg is dit, wat erg dat zoveel mensen de waarde van de natuur niet meer kennen. Als ik denk aan de plek waar ik woon, dan prijs ik mij gelukkig dat ik daar mag wonen, want daar is stilte en rust. En toch wil niemand meer op zo'n plek wonen. Ik begrijp er gewoon niets van. Ik hoop dat ik de komende dagen weer terug kan gaan naar mijn innerlijke ik, want die ben ik even kwijt. Misschien helpt het bidden vanmiddag....

Kees

Belangrijke informatie voor alle bezoekers van Bali: De gezondheidszorg op Bali.

Toen ik gisteren mijn vorige verhaal over Bali had geschreven ( over de ziekte dengue) ben ik even op bed gaan liggen want het was buiten flink gaan regenen. Het eerste buitje tijdens onze vakantie... De Balinezen zijn er blij mee want het heeft veel te weinig geregend in de afgelopen regenperiode (november tot maart). Piet was ook naar zijn kamer gegaan want hij moest zijn vlucht naar Bangkok regelen. Hij moet nameljk even het land uit anders mag hij niet langer blijven, zo zijn de regels.

Plotseling werd ik opgeschrikt door de roep van een van de personeelsleden van Villa Taman di Blayu. Hij riep dat we snel moesten komen want Piet was gevallen en bloedde uit zijn hoofd. Rob rende in zijn zwembroek naar de kamer van Piet, zo snel hij kon. Ik trok mijn kleren aan en rende er achter aan. Bij de kamer van Piet stond een busje klaar en Piet werd bewusteloos in het busje gedragen. Zijn hoofd zat vol straaltjes bloed en hij had twee grote zwellingen op zijn voorhoofd. We schrokken van wat we zagen, maar we gingen snel langs Piet in het busje zitten, ieder aan een kant en we hielden hem vast zodat hij niet voorover kon vallen. Piet was niet bij bewustzijn, maar hij zei wel tegen ons " probeer me wakker te krijgen ".

We reden naar de kleine kliniek bij Umabian, een paar kilometer van Blayu. Daar werd Piet naar binnen gedragen en nog steeds buiten bewustzijn op een bed gelegd. Ik vertelde de dokter dat Piet twee weken geleden dengue had gehad en dat nu het noodlot weer had toegeslagen doordat Piet gevallen was. De dokter zei dat er in Blayu heel veel gevallen van dengue waren en dat het een ware epidemie aan het worden was. Hij onderzocht Piet en zei toen dat we naar het grote ziekenhuis in Mengwi moesten gaan, waar ze Piet beter konden helpen. We droegen Piet weer de auto in en vertrokken naar Mengwi.

De rit naar het ziekenhuis in Mengwi duurde ongeveer een kwartier, maar het leek een eeuwigheid. We maakten ons ernstig zorgen over hem, want er was een mogelijkheid van een hersenbeschadeging en dan was deze wijze van transport niet bevorderlijk voor zijn toestand. In het grote ziekenhuis van Mengwi werd Piet weer op een bed gelegd en begon een dokter hem te onderzoeken. Piet had onderweg gevraagd wie ik was want hij wist mijn naam niet en hij wist ook niet waar we waren en hoe hij daar was gekomen. Deze vragen herhaalde hij onderweg naar het ziekenhuis wel twintig keer en onze zorgen werden daardoor alleen maar groter...

In het ziekenhuis van Mengwi begon Piet langzaam bij zijn positieven te komen en begon weer praatjes te krijgen. Zijn kenmerkende humor kwam weer terug en daar waren we heel blij mee. Langzaam maar zeker kwam de aap uit de mouw. Piet vertelde dat hij suikerziekte had (dat wisten we) en dat hij zijn suikerspiegel rond 16.00 uur gecontroleerd had, waarbij bleek dat die maar 2,6 was en dat is kennelijk heel laag. Terwijl hij dit constateerde voelde hij zich steeds slechter en daarom riep hij om hulp vanaf het balkon van zijn kamer. Hij nam snel wat druivensuiker , die normaal de suikerspiegel herstelt, maar het was te laat. Hij raakte in een "hypo" en viel buiten bewustzijn op zijn hoofd dat begon te bloeden. Het personeel dat op zijn hulpgeroep was afgekomen vond hem in deze toestand en was meteen naar ons gerend.

Nu vielen alle puzzelstukjes op zijn plaats en werd het duidelijk waarom Piet ons niet meer kende en waarom hij niet meer wist waar hij was. De oorzaak van dit alles was de hypo, die mogelijk het gevolg was geweest van een combinatie van facoren, de dengue en het feit dat Piet die dag niet voldoende gegeten had.

De dokter die Piet in Mengwi onderzocht zei dat Piet een scan van zijn hoofd moest krijgen en tot onze onsteltenis voegde hij daar aan toe dat Piet eerst moest betalen, anders konden ze hem niet helpen. Hij adviseerde ons naar het grote ziekenhuis in Kuta te gaan. Omdat we niet genoeg geld bij ons hadden konden we eigenlijk niet anders en daarom besloot Piet naar het ziekenhuis naar Kuta te gaan (nummer drie vandaag). In het donker van de tropennacht reden we naar Kuta waar we prompt in een enorme file belandden. Uiteindelijk belanden we daar in een groot ziekenhuis waar Piet op zijn blote voeten ( in de consternatie waren we zijn slippers vergeten mee te nemen) een lange weg moest afleggen voordat hij op de eerste hulp was. Jullie zullen het niet geloven, maar de dokter die daar Piet onderzocht, zei: jullie kunnen beter naar het Sangla ziekenhuis in Denpasar gaan, daar kunnen ze een scan maken". Arme Piet, zwaar gewond moest hij op zijn blote voeten weer naar het busje lopen, niemand kwam op het idee om hem een rolstoel te geven.

Bij aankomst in het grootste ziekenhuis van Bali (Sangla) schrokken we ons rot. De eerste hulp daar leek wel een slachterij. Overal lagen slachtoffers van ongelukken kris kras door elkaar en daartussen liepen de familieleden die voor hen moesten zorgen. Naast een schreeuwend kind, waarvan een word werd gehecht lag iemand met een wond waar ingewanden uitpuilden (ik heb dat niet gezien, maar Piet wel). Alles was er vies en er heerste een complete chaos. We werden eerst van het kastje naar de muur gestuurd en het duurde een eeuwigheid voordat Piet geregistreerd was. Het was al 22.30 uur toen Piet eindelijk aan de beurt was en in een groot scanapparaat gedwud werd. We konden dat via een raam zien, alles was daar open en bloot. Een half uur later kwam iemand het verlossende nieuws brengen: de hersens van Piet waren niet beschadigd. Het rechteroog van Piet zat vol bloed en dat werd nog even onderzocht en hij kreeg een recept voor wat oogdruppels. We aten wat bananen op die ik in een winkeltje bij het ziekenhuis had gekocht en reden toen naar huis. Maar eerst had Piet nog 1.600.000 roepia moeten betalen voor de scan. Het was middernacht toen we weer in Blayu aankwamen en daar bedankten we de super aardige jongens van Villa Taman di Blayu die acht uur lang met ons langs vier ziekenhuizen waren gereden. Voordat we naar bed gingen kregen we nog wat warm eten en toen doken we ons bed in. Het was een dag geweest, die we niet snel zullen vergeten.

Toen Rob en ik onder ons hemelbed lagen, praatten we nog even na over de gebeurtenissen van die dag. We waren enorm blij dat het goed was afgelopen met Piet. Maar wat we in het laatste ziekenhuis hadden gezien had een verpletterende indruk op ons gemaakt. We waren enorm geschrokken van het feit, dat het grootste ziekenhuis van Bali zo vies was en dat er ook een grote chaos was. Ongelooflijk dat Piet daar op zijn blote voeten over de vieze vloer had moeten lopen. Achteraf hadden we beter naar het BIMC kunnen gaan, dat een australisch management heeft.. Wat we ook zorgwekkend vonden, dat waren de lange rijen van denguepatienten die in de gangen een plaatsje hadden gevonden en daar liggend in een bed met een infuus aan het herstellen waren. Desgevraagd zeiden de doktoren daar dat dengue ook in Denpasar heel veel voorkwam en dat er eigenlijk niets aan gedaan werd. Rob en ik vroegen ons af waarom wij in Nederland niets horen van deze grote aantallen denguepatienten. Het resultaat is dat we ons hier nu beter zullen gaan beschermen en overdag zelfs in een lange broek zullen gaan lopen. Het maakt onze vakantie wat minder relaxt, maar het is zoals het is en we zullen moeten accepteren dat dit een van de facetten van het leven op Bali is.

We sliepen heerlijk die nacht want we waren zo moe van alles dat we meteen in een diepe slaap kwamen. De volgende morgen ben ik meteen naar Piet gegaan en die bleek wonderbaarlijk hersteld te zijn. De zwellingen op zijn hoofd waren grotendeels verdwenen en hij had goed geslapen. Helaas moet hij vandaag toch nog even naar Denpasar omdar de arts hem daar wil spreken. Ik wil niet negatief zijn, maar ik heb de indruk dat men nog een rekening wil uitschrijven die vervolgens door VGZ betaald zal worden. Och...zo maak je nog een wat mee. Gisteren hebben we heel Kuta, Sanur en Seminyak gezien. Een gedeelte van Bali waar ik voor geen goud vakantie zou willen vieren. Overal een enorme drukte en 24 uur file. Dit heeft niets met Bali te maken, als je hier naar toe gaat kun je net zo goed naar Benidorm gaan...

Dus..vanmiddag rijden we weer naar het gedeelte van Bali, waar ik liever niet naar toe ga.... Maar de gezondheid van Piet gaat voor alles en morgen vertrekken we naar Belimbing, waar de stilte en de rust overheerst... Ik ben een geluksvogel....

Kees