keessmetsers.reismee.nl

Het eiland Bali en plastic afval.

De laatste tijd verschijnen er in de media veel berichten over het probleem van plastic afval, dat op het eiland Bali schrikbarend groot is geworden. In de berichten wordt gesproken over stranden, die vol liggen met een dikke laag plastic afval dat door de wind is aangespoeld. Duikers vertellen hoe zij in zee zich door bergen afval moeten worstelen voordat ze naar de koraalriffen kunnen duiken. Deze berichten zullen zeker waar zijn, het is een probleem dat in heel veel landen steeds grotere vormen aanneemt. De mens is de planeet, waarop hij leeft, in snel tempo aan het bevuilen met zijn afval. Moeder aarde is altijd goed voor de mens geweest, maar de mens heeft alleen maar genomen, steeds meer en steeds egoistischer.

Ik ben nu samen met mijn broer Henk aangekomen op een van de mooiste plekjes op het eiland Bali. Villa Taman di Blayu is twee dagen lang ons plekje in het binnenland van Bali. Dit logeeradres is een waar paradijs voor romantische mensen en natuurliefhebbers. Als we 's morgens wakker worden zien we uit onze slaapkamers alleen maar groene rijstvelden en hoge palmbomen. Onze slaapkamers liggen in een tuin met een vijver vol grote lotusbloemen, echt een prachtig gezicht. In het beekje dat voor onze slaapkamers stroomt, baden de mensen zich, naakt en zonder schaamte, terwijl iets verderop de was wordt gedaan. Lachende vrouwen staan urenlang te schrobben met water uit het beekje, net zoals onze moeders dat vroeger deden. De stilte en de rust worden alleen maar onderbroken door het gezang van de vogels en het geluid van de gamelan dat in de verte over de rijstvelden zweeft.

Blayu is een plek om je terug te trekken van de dwaze wereld om ons heen, als je tenminste van stilte en rust houdt. Tegenwoordig willen de mensen constant iets beleven en zijn ze bang van de stilte, daarom zal het hier nooit druk met toeristen worden. Ik ben echter opgegroeid op een boerderij en stilte hoort bij mij. Daarom voel ik mij hier gelukkig. Maar toch maak ik mij zorgen over dit mooie plekje. Ik ben hier nu een paar keer geweest, maar ik zie de bergen plastic afval in de riviertjes, beekjes en paden tussen de rijstvelden steeds groter worden. De berichten in de media kloppen inderdaad, het eiland Bali heeft een probleem dat steeds groter wordt. Je kunt op twee manieren hier naar kijken. Als je focust op al het plastic dat je tegenkomt, dan zal Bali je tegen vallen. Als je echter open blijft staan voor de uitbundige schoonheid van dit eiland en vooral voor de lieve, gastvrije Balinezen, dan kun je hier gelukkig zijn...

In Nederland gaat alles goed met het afval, wij hebben geen probleem, of toch wel ? Ik woon in de provincie Brabant, een provincie waar onderhand in elke dorp meerdere drugslaboratoriums zijn opgerold en waar de extasypillen in duizelingwekkende hoeveelheden worden gemaakt. Achter mijn huis ligt het natuurgebied De Baest. Als ik daar ga trainen voor de volgende (halve) marathon, zie ik bijna elke week wel ergens gedumpt afval liggen. Complete keukens, zakken vol met huishoudelijk afval, het ligt allemaal in de prachtige bossen van dit landgoed. Langs de landweggetjes van mijn dorp is het gras van de bermen bezaaid met blikjes Red Bull, de drankjes die vol met suiker zitten en waarvan de kinderen hyperactief worden. Laten we daarom maar niet met een beschuldigende vinger wijzen naar de Balinezen, die hun afval in de rivier gooien. In ons eigen land is het niet veel beter. Met z'n allen maken we van onze aardbol een puinhoop. De rekening krijgen we onherroepelijk. Zolang we naar anderen wijzen en zelf ons gedrag niet veranderen zal de kwaliteit van onze leefomgeving steeds minder worden. Dat is de prijs die we moeten betalen voor onze leefwijze...

Kees Smetsers

Ook op het eiland Bali bestaat het toeval niet.

Ik reis al meer dan veertig jaar naar het tropische eiland Bali. Waarom ik bijna elk jaar terugga, ik ben opgehouden met dat uit te leggen, want iedereen beleeft zijn leven op zijn eigen manier. De een wil elke keer naar een ander land, de ander kiest er voor om steeds terug te gaan naar de plek waar hij zich thuis voelt en waar hij de mensen weer tegenkomt waarvan hij is gaan houden. Ik hoor in de laatste categorie thuis, dat is intussen wel duidelijk geworden. Sommige verklaren mij voor gek nu ik al voor de 58e keer naar Bali ben gegaan. Dat mag, misschien hebben ze ook nog gelijk ook, want er is zoveel te zien op onze aardbol. Maar toch...

Deze keer ben ik met mijn broer Henk naar Bali gevlogen en dat is op zichzelf al heel bijzonder. Het is voor ons allebei heel apart dat we dit onze leeftijdsfase nog mee mogen maken. We genieten mede daarom extra van deze vakantie. De eerste twee dagen in het eens zo rustige kunstenaarsdorpje Ubud hebben we besteed aan het echt "landen" , wennen aan de warmte, de totaal andere cultuur en het trage tempo van het alledaagse leven hier. En toch gebeurden er meteen dingen, die we niet snel zullen vergeten. Dat is het mooie van Bali, je hoeft niets te doen, het leven komt hier naar je toe.

Vanmorgen zaten we in ons eerste logeeradres, Nicks Hidden Cottages in Ubud, te genieten van een uitgebreid ontbijt met nasi goreng en fruitsalade. Langs ons tafeltje zagen we in de bananenbomen eekhoorntjes in de weer, die een nest aan het bouwen waren. Een andere toerist langs ons hoorde ons Nederlands praten en het bleek ook een Nederlander te zijn. Ik raakte met hem aan de praat en al heel snel was ik uit aan het leggen waarom ik een groen shirt met het logo van de BALI RUNNERS aan had. Ik vertelde dat de Bali Runners een groep van acht hardlopers zijn, die via gesponsorde deelname aan hardloopwedstrijden en triatlons, en via andere acties, geld proberen op te halen om kinderen in Indonesie te helpen, die een klompvoetje hebben en niet kunnen lopen. Het was even stil en toen liet mijn gesprekspartner zijn voeten zien. "Ik heb vroeger ook twee klompvoeten gehad, kijk maar, daarom zijn mijn benen nog steeds heel dun", zei hij. Daarna was het even stil... We beseften allebei dat hier sprake was van een heel bijzonder toeval, maar we wisten ook dat toeval niet echt bestaat. We kenden elkaar nog niet echt en toch was er een gevoel van herkenning. Zo'n moment vind ik altijd heel bijzonder. Het maakt je leven rijk...

Kees Smetsers



Valencia, een stad om verliefd op te worden...

Op vrijdag 23 maart 2018 vloog ik met vier leuke vrouwen naar Valencia. Dat was op zichzelf al voldoende om mij heel erg te verheugen op het weekend, dat komen ging. Maar ik wist ook dat Valencia een stad is om van te houden en daarom kon ik niet wachten tot we er waren. Gelukkig ging de vlucht met Transavia heel snel en ruim twee uur na ons vertrek uit Eindhoven stonden we al op het vliegveld van Valencia. Daar stonden twee taxi's op ons te wachten, die door de eigenaren van ons logeeradres waren besteld. We zouden gaan logeren in Casa Cosy, een appartement met een perfecte ligging, midden in het oude historische centrum van deze mooie stad. Op honderd meter ligt de toegangspoort Torres  de Serranos, die toegang geeft tot de droge rivier , die eens door de stad stroomde en nu is omgetoverd tot Jardines del Turia. Wat mij betreft is deze droge rivier met zijn prachtige bomen, parken, sportvelden en terrassen, dé toeristische trekpleister van Valencia. Het is heerlijk om door deze droge rivier naar de zee te wandelen of te fietsen en dat zouden we zeker gaan doen.

Casa Cosy ligt verscholen achter een ijzeren poort, waarlangs een kleine supermarkt en een fietsenverhuurbedrijf de perfecte ligging nog eens benadrukken. Ann, de mede eigenaresse stond ons al op te wachten en verwelkomde ons op een manier dat we ons meteen thuis voelden. In de komende dagen zou zij ons verwennen met haar gastvrijheid en attente zorgzaamheid, die ons hart verwarmde. Nadat we ons geïnstalleerd hadden in de heel schone, moderne slaapkamers en woonkamer, besloten we om meteen de stad te gaan verkennen. Via de straat Calle de Serranos, waar het appartement lag, liepen we via Plaza de Virgen  met zijn mooie baseliek naar het tweede plein Plaza de la Reina.  De zon was gaan schijnen en we genoten op het terras van een lunchroom van de zonnestralen, die we in Nederland al zo lang gemist hadden. Na een gezond broodje liepen we verder richting het treinstation met zijn mooie mozaïek.  De dag vloog voorbij en voordat we het in de gaten hadden zaten we in het gezellige "La Chouffe" café, dat maar 200 meter van Casa Cosy af ligt. Die nacht sliepen we heerlijk...

De volgende dag was de dag van de halve marathon. Omdat die wedstrijd pas om 17.30 uur 's avonds zou zijn, besloten we om fietsen te gaan huren en via de droge rivier naar de zee te fietsen. Ann had voor ons al fietsen gehuurd bij het verhuurbedrijf dat pal langs Casa Cosy ligt en die had heel mooie "Bianchi" fietsen, die we voor 14 euro twee dagen konden huren. Even later fietsen we door de droge rivier naar de plek Ciudad de las Artes y Ciencias ,   waar we onze ogen uitkeken naar de futuristische gebouwen, die deze dag het decor zouden vormen voor de start van de halve marathon. De gebouwen heten Palau des Arts, l'Hemisféric,  Museu de las Ciencias en l'Oceanografic.  Als je ooit in Valencia komt moet je dit echt gezien hebben... Werkelijk heel apart... We reden verder en kwamen op een gegeven moment aan het brede strand, waar we na een kilometertje onze fietsen bij het Restaurant La Murciana  parkeerden. De paella was daar overheerlijk en het uitzicht op het strand en de zee gaf ons echt een geluksgevoel. Na de lunch, die eigenlijk een diner was, fietsen we verder langs het strand totdat we bij het stadje Alboroya kwamen. Daar werden we verrast door de unieke sfeer van dit mooie kleine stadje. Rond het spiegelende water van "Venetiaanse grachten" zagen we huisjes met pasteltinten en een paar leuke terrasjes, waarvan er één onze bestemming voor de volgende dag zou zijn. We keken onze ogen uit, maar op een gegeven moment moesten we toch weer terug naar Valencia, want het uur van de halve marathon naderde rap.

Toen we weer terug waren, was het intussen al vier uur geworden en zoals bij elke wedstrijd begon de stress bij mij weer toe te slaan. Mijn loopmaatjes Elia en Antoinet, waarmee ik de halve marathon zou lopen, waren echter de rust zelve en dat hielp een klein beetje. Angela (mijn partner) en haar vriendin Marij waren in de stad gebleven en we konden dus ons helemaal concentreren op de wedstrijd. We trokken onze groene Bali Runners shirts aan en fietsten naar de start bij de futuristische gebouwen. De fietsen lieten we achter bij een boom (dat kan hier) en we liepen naar ons start vak. Er zouden bijna 15.000 atleten meedoen, waaronder de wereldtop, want het was een Wereldkampioenschap. Ons start vak was helemaal achteraan en daar stonden we als haringen in een ton te wachten op het moment van het startschot. Toen we konden gaan lopen, was dat stapvoets, ruimte om ons eigen tempo te lopen was er niet. Maar het was indrukweekend om de bijna 15.000 atleten de brug te zien oversteken langs het "Palau des Arts". We wisten toen nog niet dat de parcoursbouwers bij de eindstreep een verrassing voor ons hadden...

Het was prima weer om te lopen, ongeveer twintig graden en een fris windje voor de afkoeling. De kilometers vlogen onder onze voeten door en we genoten van de enthousiaste toejuichingen van de Spaanse toeschouwers, die in grote getale langs het parcours stonden. We hadden afgesproken om bij elkaar te blijven en dat deden we ook, totdat Elia besloot om een sanitaire stop te gaan maken. Vanaf dat moment liepen Elia en Kees onafscheidelijk naast elkaar, terwijl Antoinet "los" ging en in haar eigen snelle tempo naar de finish snelde. Het begon donker te worden en daardoor werd het nog sfeervoller langs het parcours. Overal speelden Spaanse orkestjes met typische muziek, die ons steeds weer kippenvel bezorgde. Deze momenten hebben we in ons geheugen opgeslagen, voor ons alle drie was het een unieke belevenis, die we nooit zullen vergeten. Na ongeveer twee uur lopen zagen we tegen de donkere hemel het silhouet van het "Palau des Arts" , dat prachtig verlicht was. We wisten dat daar de eindstreep zou zijn en daardoor kregen we nog meer energie. We waren verbaasd dat het zo makkelijk ging en we konden echt genieten van al het moois om ons heen. Toen we nog maar 300 meter van de finish waren, kon Elia het niet laten om een foto te maken van het prachtige schouwspel om haar heen. Maar daarna zette ze haar eindsprint in. De laatste 200 meter gingen over een stellage, die de parcoursbouwers boven het water hadden gemaakt. Hand in hand gingen Elia en ik over de finish, waar even later Antoinet ons in de armen viel. Dicht bij elkaar voelden we de blijdschap over dit unieke moment, dat we samen als hechte vrienden en Bali Runners hadden beleefd...

In het donker van de nacht zochten we onze fietsen op en reden we terug naar Casa Cosy, waar Angela en Marij op ons wachten. Gelukkig was er nog Leffe Blond in de koelkast en konden we daarna met een heel tevreden gevoel ons bed opzoeken. Als Bali Runner hebben we de laatste jaren veel mooie dingen meegemaakt en het stimuleert ons enorm dat we via hardlopen kinderen in Indonesië kunnen helpen, maar de belevenis van deze dag was toch wel heel uniek...

De volgende dag pakten we onze fietsen weer om langs het strand naar Alboroya te rijden. Daar hebben we een paar uurtjes doorgebracht op een zonovergoten terras, terwijl de calamares, gamba's in knoflooksaus en patatas bravas ons geluksgevoel alleen nog maar mooier maakten. We hadden dat weekend veel meegemaakt en toen ik even met mijn ogen dicht zat te genieten van de vier lieve vrouwen om mij heen, kwam dat allemaal voorbij. Wat een geluk dat ik dit allemaal op mijn leeftijd mee mag maken, ik voel mij echt een bevoorrecht mens...

We sloten ons weekend af in een restaurantje met de naam Bacco (La Cucina Italiana),  dat in een van de oude historische zijstraatjes van Plaza de la Reina (Calle de los Derechos 29) verscholen ligt. Het interieur lijkt op een druipsteengrot, heel sfeervol. De cesar salade met patatas bravas en de paella marisco waren er overheerlijk en overvloedig. Het werd een heel mooie afsluiting van een uniek weekend. Het feit, dat het vliegtuig van Ryanair door mist in Eindhoven twee uur vertraging had, kon ons plezier niet bederven. Ann en Koen, de Belgische eigenaren van ons logeeradres Casa Cosy, hebben een heel belangrijke bijdrage geleverd aan deze heerlijke dagen. Ik durf daarom Casa Cosy met een gerust hart aan te bevelen aan mensen, die naar deze romantische, relaxte stad willen gaan.

Kees Smetsers

Dagen met een gouden randje... op het eiland Sumatra...

Dagen met een gouden randje… op het eiland Sumatra.

De Bali Runners hebben in het afgelopen jaar tijdens hun gesponsorde deelname aan hardloopwedstrijden en een kwart triatlon, en ook via de verkoop van pakketten speculaas, zoveel geld opgehaald dat zij een groot aantal kinderen kunnen helpen op hun weg naar een betere toekomst. Het betreffen allemaal Indonesische kinderen met een loopbeperking (vaak klompvoet), die via een operatie geholpen kunnen worden.

In de afgelopen weken zijn er vier Nederlandse en Belgische artsen naar Sumatra gevlogen om daar op het project van de stichting Harapan Jaya een groot aantal kinderen te opereren. Gisteren kreeg ik van Huub van der Heide, één van de orthopedische chirurgen, een foto van kinderen die inmiddels geopereerd zijn en nu in een Bali Runners loopshirt liggen te herstellen van hun operatie. Deze foto heeft mij en alle andere Bali Runners emotioneel en blij gemaakt, want deze foto vertelt meer dan 1000 woorden kunnen zeggen. Het is een symbool van de liefde en de verbondenheid tussen de Bali Runners en de kinderen van Indonesië.

Zonder de hulp van iedereen, die aan het project van de Bali Runners heeft meegewerkt, zou dit niet mogelijk zijn geweest. Voor de geopereerde kinderen en hun hulpverleners zijn dit dagen met een gouden randje en zij zullen de steun van de sponsors uit Nederland nooit meer vergeten...

Het is echt de moeite waard om de foto's te bekijken, die Huub van der Heide gestuurd heeft en die ik op deze reisblog heb gezet. De foto's vertellen alles...

Kees Smetsers

Bed and Breakfast De Donkhoeve: een uniek logeeradres op het Brabantse platteland.

De provincie Brabant herbergt heel veel logeeradressen, die zich "Bed and Breakfast" noemen. Verscholen in het groen, tussen de gezellige nostalgische dorpen Oirschot en Oisterwijk, ligt De Donkhoeve. Vanaf het moment dat u daar welkom wordt geheten door gastvrouw Hanneke van Ruremonde, tot het moment dat u weer vertrekt, zult u helemaal verwend worden. Hanneke is een gastvrouw in hart en nieren en zij verstaat de kunst om uw bezoek tot een onvergetelijke gebeurtenis te maken. Of u logeert in het kleine vrijstaande boerderijtje, of in het voormalige stalgedeelte van de prachtig gerestaureerde langgevelboerderij, het zal u aan niets ontbreken. De landelijke sfeer van lang vervlogen tijden is hier bewaard gebleven. En toch wordt hier het woord "comfort" met hoofdletters geschreven. Een compleet ingerichte keuken, open haard, wifi, verwarmd terras en zelfs een sauna/infraroodcabine (in het vrijstaande boerderijtje) staan tot uw beschikking. Als u wilt vergaderen of een groepsactiviteit wilt doen, dan is er ook nog een afzonderlijke rustiek ingerichte ruimte, waar u binnen of buiten ook kunt genieten van een heerlijke maaltijd. Voor mensen die houden van rust en historische dorpjes is dit echt een unieke plek om enkele dagen door te brengen. Daarom durf ik deze Bed and Breakfast met een gerust hart aan te bevelen. Hier zijn de contactgegevens:

Bed and Breakfast De Donkhoeve

Hanneke en Rien van Ruremonde

Polsdonken 2, 5688LE Oirschot (navigatie: Priemsteeg 1a, 5688LG Oirschot)

Telefoon: 06-28830062

Email: [email protected]

Website: www.donkhoeve.nl


Hotel Grand Café "De Tipmast" in Bladel.

Het Hotel Grand Café "De Tipmast" in Bladel is een ideaal uitgangspunt voor een wandeling door de bossen en vennen langs de grens met België. Maar het heeft veel meer te bieden. Naast de hotelkamers zijn er diverse smaakvol ingerichte zalen, waarin feesten, presentaties en andere bijeenkomsten gehouden kunnen worden. 

Zelf geniet ik regelmatig van het heerlijke eten en de hartelijke, gastvrije bediening in het restaurant, dat recent "gerestyled" is. Ik ken geen enkele plek, waar je zoveel kwaliteit krijgt voor zo weinig geld. Wat mij betreft verdient dit Hotel Café Restaurant een plaats op de lijst van top horecalocaties in de Brabantse Kempen. De provincie Brabant herbergt veel pareltjes en dit is er zeker één van. 

De adresgegevens luiden:

Hotel Grand Café De Tipmast

Tipmast 48a

5531NG Bladel

Telefoon: 0497-381810

Erfgoed en logies DEN HEIJKANT, een parel in het Brabantse landschap.

Tegenwoordig reizen mensen de hele wereld over op zoek naar vreemde culturen en bijzondere plekjes. Toch hoef je soms niet ver te gaan om iets heel moois te beleven. Vorige week was ik met één van mijn loopmaatjes van de stichting Loopgroep Bali Runners wezen hardlopen in de Loonse en Drunense Duinen, waar de sneeuw uit een donkere hemel neerdwarrelde. Op weg naar huis vertelde mijn loopmaatje dat zij graag even wilde stoppen bij "Den Heijkant", om daar even bij ten komen van de kou. Toen we de straat Heikant (een zijstraat van de weg tussen Spoordonk en Moergestel) inreden kon ik mij niet voorstellen dat daar een boerderijterras was. Die straat is hemelsbreed maar een paar kilometer van mijn eigen huis en ik dacht dat ik mijn leefomgeving kende als mijn broekzak.

Mijn loopmaatje had echter een grote verrassing voor mij. Toen we de parkeerplaats opreden bleek "Den Heijkant" een prachtige historische boerderij te zijn, die het predicaat "erfgoed" zeker verdient. Deze boerderij behoort al sinds het midden van de 17e eeuw toe aan de familie Bierkens. Kees en Tonnie Bierkens hebben de graanschuur, het karreschop en de schaapskooi zodanig gerestaureerd, dat er een unieke logeerplek is ontstaan, waar comfort, rust en ruimte in overvloed aanwezig zijn.

In de prachtig gerestaureerde, knusse schaapskooi werden we ontvangen door de zoon Grard Bierkens, die ons een perfecte cappuccino en twee heerlijke broodjes serveerde. Het ging om een "sandwich met vis" en een "broodje met avocado, spinazie en mozzarella" . Toen die twee broodjes voor ons werden neergezet, viel onze mond open van verbazing en toen we begonnen te eten werd die verbazing alleen maar groter. Wat mij betreft was dit het lekkerste broodje dat ik de laatste jaren had geproefd en mijn loopmaatje dacht er het zelfde over. Toen we Grard complimenteerden met zijn creaties, kwam de aap uit de mouw. Grard bleek een echte "warme bakker" te zijn, die het brood zelf bakt in de steenoven van "Den Heijkant" en bij het samenstellen van de door ons bestelde broodjes heel zijn creativiteit had gebruikt om ons te verwennen. Wij waren echt onder de indruk en genoten van de sfeer in de schaapskooi, die door de sneeuwbui buiten alleen maar gezelliger werd.

Grard liet ons later nog de knusse en in oude stijl ingerichte appartementen zien, alsmede de grote zaal met uitzicht op de koeienstal en het Brabantse landschap. We vielen van de ene verbazing in de andere. Wat een mooie historisch plekje is hier gerealiseerd ! De familie Bierkens mag echt trots zijn op wat zij tot stand hebben gebracht. Ik heb hen beloofd om "Den Heijkant" aan te bevelen bij mensen, die in een Rijksmonument verwend willen worden, midden in het Brabantse landschap met bossen, vennen en pittoreske dorpjes. Die belofte kom ik heel graag na.

Hier zijn de gegevens van dit bijzondere logeeradres:

Naam: Erfgoed en Logies Den Heijkant

Adres: Heikant 8, 5066 CR Moergestel

Telefoon: 06-18533181 of 06-22388994

Emailadres: [email protected]

Website: www.erfgoedlogiesdenheijkant.nl


Een Bali Runner probeert via zijn boek drie kinderen een betere toekomst te geven.

Een Bali Runner probeert via zijn boek “Het verdriet achter de glimlach” drie kinderen, die een orthopedisch behandelbare beperking hebben, een betere toekomst te geven.

De stichting Loopgroep Bali Runners bestaat uit een groep hardlopers, die via deelname aan marathons en kwart triatlons, en ook via andere acties, kinderen in Indonesië proberen te helpen, die een orthopedisch behandelbare beperking hebben.

Kees Smetsers is één van de Bali Runners. Hij is onlangs 70 jaar geworden en hij heeft deze gebeurtenis extra glans gegeven door het lopen van de hele marathon van Tilburg en de uitgifte van zijn vierde boek. Het boek betreft een roman met de titel “Bali, het verdriet achter de glimlach”. Het verhaal speelt zich af in het jaar 1946 en heeft als thema de rechteloosheid van vrouwen op het eiland Bali.

Kees verkoopt zijn vierde boek in eigen beheer voor de prijs van 16,95 euro. Van dat bedrag gaat 10,00 euro naar de stichting Loopgroep Bali Runners en het doel dat deze stichting nastreeft. Bestelling van het boek is mogelijk via een email aan [email protected], met opgave van het adres, waar het boek naar toe gestuurd moet worden. Betaling hoeft pas na ontvangst van het boek. Kees probeert ongeveer 300 exemplaren van genoemd boek te verkopen en de opbrengst daarvan zal voldoende zijn om drie kinderen een betere toekomst te geven.

Omstreeks 6 december 2017 ligt editie 2017-8 van het “mindstyle magazine” HAPPINEZ in de boekwinkels. In deze uitgave staat op pagina 116 een verhaal over de stichting Loopgroep Bali Runners. Daarnaast staat er op pagina 112 een advertentie voor het vierde boek van Kees Smetsers. De redactie van HAPPINEZ heeft de stichting Loopgroep Bali Runners voor genoemde editie als goede doel aangewezen. Dit betekent dat de stichting Loopgroep Bali Runners 10% van de opbrengst van de webwinkel van HAPPINEZ zal krijgen gedurende de komende zes weken. De Bali Runners zijn heel dankbaar voor deze geste. Ze hopen ook dat het verhaal in het blad HAPPINEZ de verkoop van het vierde boek van Kees Smetsers een nieuwe impuls zal geven. Het zijn de kinderen in Indonesië, met name op de eilanden Bali en Sumatra, die hiermee geholpen worden.

“Samen zijn we sterk”…..